Vindt u dat ook

“Die krant staat bol van de 50-plussers”, aldus kleinzoon Stefan – 2e klas Praediniusgymnasium. Hij kwam met zijn moeder even langs, op de terugweg van de stad naar huis. Terwijl ik met Laura bijpraatte dook hij in de stapel nog af te werken leesvoer en diepte er een blad over ouderen uit op. Tijd om hem ook bij te praten dus.

Logisch, Stefan, zei ik. Er zijn zoveel van die 50-plussers. Ga maar na. Ieder jaar komen de 49-jarigen erbij en die oude plussers willen maar niet dood. Vroeger ging de burgemeester op verjaarsvisite als iemand uit zijn gemeente 100 jaar werd. Daar zijn de meesten mee opgehouden, want het kostte hen teveel tijd. Het wordt bovendien niet meer heel bijzonder gevonden, je 50ste verjaardag.

Toch is 50 jaar nog steeds een beetje een soort cesuur, net als de leeftijd waarop je formeel volwassen wordt, stemgerechtigd en zo, je komt gevoelsmatig in een andere fase van je leven terecht. Voor veel sportclubs is 50 jaar de grens om actief deel te nemen. Een teken dat die 50 jaar wel iets betekent. Overigens gaan de meeste 50-plussers de dag na hun 50ste verjaardag gewoon weer aan het werk, en dat moeten ze doorgaans tot hun 66-ste. De tijd is voorbij dat mensen al voor hun 60-ste jaar met (pre)pensioen gingen. We blijven langer gezond en de arbeidsmarkt heeft gewoon mensen nodig.

Maar of het nu 55 of 66 jaar is, voor iedereen breekt een tijd aan dat het dagelijks naar je werk gaan is afgelopen. En wat doet een plusser dan de hele dag?

Het is bekend dat besturen van veel sport-, buurt- en liefdadigheidsorganisaties, landelijk en plaatselijk, uit plussers bestaan. Zij zetten als het ware hun beroepswerk voort op een andere plaats en een ander niveau. Het vrijwilligerswerk vaart er wel bij. Ook bij de uitvoering van veel, al of niet gesubsidieerd, maatschappelijk werk zijn plussers betrokken. Denk aan begeleiding van jeugdwerk, advisering van vakorganisaties, het sociale werk van kerken en instellingen, van derde wereld hulporganisaties en niet te vergeten de zorgsector, in de ruimste betekenis van het woord. Als je een indicatie hebt voor huishoudelijke hulp en je gaat bij de instellingen die hulp verstrekken op zoek naar iemand is de kans groot dat je bij een 50-plusser terecht komt. Kortom, plussers zijn onmisbaar, ook en vooral als het gaat om zaken die wij wel maatschappelijk belangrijk vinden maar waar we het geld voor een betaalde kracht niet voor over hebben.

Natuurlijk heb ik dit hele verhaal niet aan Stefan verteld. Maar wel voldoende om hem te laten snappen dat oude mensen niet alleen maar zielig en afhankelijk zijn. Het is goed dat we ons zelf ook af en toe realiseren dat we een belangrijke functie vervullen in de samenleving. En nou heb ik het nog niet eens gehad over de mantelzorg.

Wat vindt u?

Aletta.