Vindt u dat ook?
Ik liep op straat. Iemand stapte uit een auto, ze kwam mijn kant op. We hadden even oogcontact. ”Wat hebt u mooi haar” flapte ik eruit, zonder erbij na te denken. Ze had knalblauw haar, waar ze vast veel negatieve opmerkingen over zal krijgen, dacht ik. We lachten wat naar elkaar en gingen elk ons weegs.
Ik werd aangeklampt door een oude vrouw. Ze wist niet waar ze woonde, geen straat of huisnummer. Ze wist wel dat ze naar de dokter moest maar niet hoe die dokter heette en wat zijn adres was. Tja, ik heb haar op weg geholpen naar de dokterspost Boterdiep, leek me efficiënter dan 112 te bellen.
Deze twee voorvallen schoten me te binnen toen ik de zoveelste berichtgeving – de zoveelste herhaling ook - over eenzaamheid las. Het is ondertussen genoegzaam bekend dat eenzaamheid vooral voorkomt bij jongvolwassenen en ouderen. Nu is eenzaam zijn iets anders dan je af en toe eenzaam voelen. Eenzame momenten overkomen ons ons leven lang, zo af en toe. Denk aan de eenzaamheid van tieners (‘’buien”), of de echtelijke ruzies die in de beste huwelijken voorkomen. Eenzaamheid als min of meer permanente factor in je leven treedt op als je de zin van je bestaan niet meer ervaart, als je onvoldoende contact hebt met mensen met wie je kunt communiceren, als je je afgeschreven voelt.
En de remedie voor ouderen wordt op een presenteerblaadje aangeboden. De deur uitgaan, deelnemen aan activiteiten in je buurt, waarbij het onvermijdelijke bingo weer eens op de proppen komt, alsof je met het ouder worden ook je intelligentie verliest, en vooral: je netwerk onderhouden. Alsof je netwerk een statisch construct is, zo van: even schudden en er komt wel iemand bovendrijven. Alsof de mensen uit je netwerk niet onderhevig zijn aan dezelfde euvels als jijzelf: ouder worden, minder energie hebben om de deur uit te gaan of nieuwe dingen te ondernemen, ziek worden en – geloof het of niet – zelfs doodgaan. Kortom, een goed netwerk is heerlijk maar niet de ultieme remedie tegen eenzaamheid.
Ik denk dat er geen ultieme garantie bestaat tegen eenzaamheid. Dat wij moeten wennen aan het idee dat een zekere eenzaamheid hoort bij het oud zijn. En dat we die aankunnen, dat hebben we geleerd in dat lange leven dat achter ons ligt.
Overigens mis ik in het rijtje aanbevolen oplossingen tegen eenzaamheid: nieuwsgierigheid. Zolang je nieuwsgierig blijft naar het wel en wee van je kinderen en kleinkinderen, de deur uitgaat bij voorbeeld een bus pikt naar een wijk die je nog niet kent, zolang je nog het 8-uur journaal aanzet, geniet van kleine onverachte gebeurtenissen – zoals zomaar iemand op straat tegenkomen - en nog niet alle verjaardagen vergeet zal het met die eenzaamheid wel loslopen. Ik wens u sterkte met uw “eenzaamheid’’.
Wat vindt u?
Aletta.